Ik ben tegen wie je protesteert, kijk me aan! 

Ik sta aan de rand van jullie dorp, maar eigenlijk sta ik in de weg. 

Ik hoor de woorden die over de schuttingen waaien, de woorden die uit jullie televisies rollen zonder dat er een naam aan hoeft te worden geplakt. 

Ik hoor dat ik een instroom ben, een vloedgolf, een tsunami. Ik ben geen mens van vlees en bloed, maar een natuurramp die jullie zorgvuldig aangeharkte tuinen dreigt te overspoelen.

Jullie zeggen: We moeten de grenzen dichttimmeren, alsof de wereld een kamer is waarin jullie de zuurstof voor jezelf kunnen houden.

Jullie spreken over opvang in de regio, een beloofde ver-van-mijn-bedshow, terwijl de wapens die mijn stad in puin legden, gefinancierd zijn met de winsten uit jullie handelsverdragen. 

Jullie politici praten over sobere opvang en geen aanzuigende werking, alsof een matras op een koude vloer in een sporthal een luxe is waarvoor je vrijwillig je hele leven achterlaat. 

Wanneer jullie roepen we willen geen azc, kijken jullie naar mij, maar jullie zien mij niet. Jullie zien jullie eigen angst. Jullie zien de angst dat jullie privileges niet eeuwig zijn. Jullie creëren een wij en een zij, een muur van woorden zoals gelukszoekers en uit veilige landen, om de pijnlijke waarheid te maskeren: dat mijn aanwezigheid hier het directe resultaat is van de wereld die jullie hebben gebouwd.

Ik ben de spiegel op jullie stoep. In mijn ogen zie je niet de vreemdeling, maar de consequenties van jullie eigen beleid. Je ziet de grondstoffen die uit mijn land zijn gehaald om jullie telefoons te laten glimmen. Je ziet de geopolitieke spelletjes waarbij mijn volk de inzet was. 

James Baldwin wist het al: jullie onschuld is jullie grootste zonde. Jullie willen onschuldig blijven aan de chaos in de wereld, terwijl jullie de vruchten ervan plukken.

Hannah Arendt zei dat de vluchteling de mens is die herinnert aan de breekbaarheid van het recht. Door mij klein te houden, door mij te parkeren in de anonimiteit van een azc, houden jullie in feite jullie eigen geweten klein. 

Jullie denken dat je je cultuur beschermt door mij buiten te sluiten, maar een cultuur die muren nodig heeft om te overleven, is al lang geleden van binnenuit gestorven.

Kijk nog eens goed in de spiegel die ik ben. 

Ik ben niet de bedreiging van jullie democratie; ik ben de ultieme beproeving ervan.

De vraag is niet of er plek is voor een azc in jullie straat. De vraag is of jullie de moed hebben om de consequenties van jullie eigen medeplichtigheid onder ogen te zien. Het gaat niet om mijn menselijkheid, maar om jullie rechtvaardigheid.

De geschiedenis laat zich niet wegpoetsen met een slogan. Ik ben hier omdat jullie daar waren. En zolang jullie weigeren die verbinding te zien, blijven jullie gevangenen van je eigen angst, terwijl ik , ondanks alles , de vrijheid van de waarheid bezit.

Schilderij: 

Het vlot van de Medusa 

Théodore Géricault (1819)

De vlag als blinddoek

De onzichtbare code III: Reciprociteits-ethiek 

Blog overzicht