Henk zoekt rust bij de zelfgenoegzaamheidscoach!

“We halen hier complete walhalla’s vol gelukszoekers binnen, ze weten dondersgoed dat we in een rijk land leven!” hoorde ik Henk laatst keihard roepen naar zijn collega in de bedrijfskantine. Henk werkt in de catering, sjouwt zich dagelijks een hernia aan kratten vol biologische bitterballen en champagne voor netwerkborrels op de Zuidas, en stond diezelfde ochtend nog met klotsende oksels bij de kassa van de Aldi te rekenen of hij het rundergehakt wel kon meenemen. Als zijn vaste zelfgenoegzaamheidscoach wist ik dat Henk een acute crisis doormaakte toen hij die middag mijn praktijk binnenstapte. Zijn probleem was niet dat hij zijn zorgverzekering nauwelijks kon betalen, of dat zijn jongste dochter die week al voor de zoveelste keer thuis zat omdat er simpelweg geen leraar voor de klas stond op haar basisschool. Nee, Henks echte probleem was dat er een gevaarlijk greintje realiteitszin in zijn hoofd probeerde te kruipen, en mijn taak was om zijn vertrouwde, geruststellende blinde vlek te herstellen.

Terwijl Henk vermoeid in mijn designfauteuil zakte, vroeg ik hem waarom hij in de kantine zo hard had staan schreeuwen. Hij keek naar zijn eeltige handen en legde uit dat het hem even teveel werd. Hij wees op zijn kinderen. Zijn jongste dochter zat op een school waar de onderwijskwaliteit zwaar onder druk staat door chronische tekorten, een realiteit die de Inspectie van het Onderwijs jaarlijks pijnlijk blootlegt. Zijn oudste zoon had door de constante lesuitval inmiddels zo’n taalachterstand opgelopen dat hij dreigde uit te stromen zonder fatsoenlijke basisvaardigheden, een bittere pil voor een gezin dat braaf gelooft dat achterstand alleen in “andere wijken” voorkomt. En alsof dat niet genoeg was, liep Henk zelf al weken met een knieontsteking rond omdat hij de medische zorg uitstelt; het verplichte eigen risico is simpelweg een onneembare barrière voor zijn krappe budget. Zelfs voor professionele hulp in zijn omgeving is er geen beginnen aan: zijn buurvrouw staat al maanden op een van de ruim 100.000 wachtlijstplekken in de ggz, waar de wachttijden voor specialistische zorg structureel de maximale norm van 14 weken overschrijden. Maar toen het kantinejournaal opstond en er een item over asielzoekers voorbijkwam, voelde hij die vertrouwde, warme golf van bruikbare woede. Ik gaf Henk een bemoedigend klopje op zijn schouder en prees hem om zijn uitstekende reflex. Dit is namelijk de kern van de gidsland-gemoedsrust: je eigen zorg van kwalitatief hoog niveau en het onderwijs van je kinderen storten in waar je bij staat, maar door heel hard te roepen dat jíj wereldvreemd verwend bent en dat het de schuld is van de nieuwkomers, voel je je tenminste nog een morele winnaar. Zolang je blindelings gelooft dat je belastingcenten naar de asielzoekers gaan, hoef je immers niet na te denken over de miljardenwinsten van de grote multinationals, de belastingvoordelen voor de Zuidas, of het feit dat de politiek de publieke sector al decennia bewust aan het uithollen is. Nieuwkomers kosten Henk zijn zorgstelsel niet; dat hebben decennia aan politieke bezuinigingen gedaan. Maar de woede verleggen naar de absolute onderkant houdt het systeem lekker stabiel.

Henk knikte langzaam, maar hij twijfelde nog. Hij vertelde dat hij op tv hoorde dat het aantal cliënten bij de voedselbanken dramatisch is gestegen naar ruim 155.000 mensen, en dat het CBS meldt dat er meer dan een half miljoen Nederlanders onder de armoedegrens leven. “En Coach,” fluisterde Henk, “ik zie op de beelden steeds vaker gezichten die sprekend op de mijne lijken. Gewoon, witte hardwerkende mensen en gezinnen uit de wijk die het niet meer redden. Maar ja, tussen jou en mij: echt hongerlijden doe je hier toch nooit? We hebben die voedselbanken toch? En je krijgt hier altijd een uitkering, dus op straat belanden kan toch eigenlijk helemaal niet?”

Ik keek Henk meelijwekkend aan en schudde glimlachend mijn hoofd. “Kijk Henk, dat is nou exact de mythe die we zorgvuldig in stand moeten houden. Want wat vertellen de cijfers ons écht? Ruim 70 procent van de mensen die in diepe armoede leven, weet de weg naar de voedselbank door angst en schaamte überhaupt niet te vinden. En die gratis voedselmand? Daar kom je niet zomaar in; de strenge criteria van Voedselbanken Nederland betekenen dat je eerst zó diep in de schulden moet zitten dat je na aftrek van vaste lasten letterlijk nog maar een paar euro per dag te besteden hebt. En wat betreft die uitkering waardoor je “nooit op straat belandt”? Vraag dat maar aan de tienduizenden officieel geregistreerde dakloze mensen in Nederland, terwijl het werkelijke aantal onzichtbare daklozen die noodgedwongen in auto’s of op banken slapen nog vele malen hoger ligt. De realiteit is dat de maatschappelijke opvangcentra overlopen door een falend sociaal stelsel en een exploderende woningcrisis. Maar dat vertellen we er in de media natuurlijk niet bij. Als er écht diepe, structurele armoede of dakloosheid in beeld moet worden gebracht, selecteren de redacties bij voorkeur een gezin van kleur. Dat is pure service voor jouw psychologische rust. Zolang armoede en falen visueel worden gekoppeld aan “de ander”, blijft jouw status als lid van de superieure meerderheid netjes intact. Dan is armoede een “importprobleem” of iets dat “bij hun cultuur hoort”, en blijft de grote illusie in stand dat het systeem voor witte mensen wél perfect werkt. Als jij dan als witte man je boodschappen niet kunt betalen bij de Aldi, je kind een vierdaagse schoolweek heeft, of de huur niet meer kunt ophoesten, dan is dat volgens die logica gewoon je eigen schuld, geen systeemfout. Je hebt gewoon niet hard genoeg je best gedaan.

Aan het einde van de sessie liep Henk opgelucht mijn praktijk uit. Zijn portemonnee was nog steeds leeg, zijn dochter had morgen weer geen les en het spook van de uithuiszetting hing ergens in de lucht, maar zijn zelfgenoegzaamheid was volledig hersteld. Hij kon met een gerust hart weer gaan stemmen tegen zijn eigen belangen, eigen mensenrechten en zijn eigen levenskwaliteit, precies zoals het een goede, geconditioneerde burger betaamt.

Schilderij: 

De Werkstaking (ook bekend als De Brusselse Werkstaking)

Jan Toorop (1888)

 

Wees op je hoede voor die ene Nederlander! 

VACATURE: Gezocht (m/v/x): Het makke schaap met vijf poten

Blog overzicht